Het Carnavalsprogramma

Na de eerste elf jaren kreeg de Truiense carnaval-kalender een beetje vaste vorm al kan die, afhankelijk van de omstandigheden en prinselijke wensen, in alle gekheid en soepelheid nog regelmatig aanpassingen ondergaan. Zo begint het nieuwe seizoen steevast op de elfde van de elfde om 15.11 u met een gebedsviering, in het stemmig kerkje van Sint-Gangulfus. Vervolgens trekt het gezelschap stoetsgewijs, eventueel na een korte bijtankbeurt, naar de Groenmarkt. Met het ontsteken om 19.11 u van het licht van het carnavalsmonument ‘De Elf Latsjanen’ door de Opper en de afscheidnemende prins(es)carnaval wordt het nieuwe seizoen officieel ingezet. Na de abdicatie van de aftredende stadsprins(es)carnaval en zijn stadsjeugdprins(es)carnaval worden de nieuwe prinselijke hoogheden op de Groenmarkt verwacht. Doorgaans is dat met een stunt die verwijst naar een beroep van de nieuwe soeverein of van de ouders van zijn jongere kompaan of naar een hobby. Eens geïntroniseerd en voorzien van hun prinselijke attributen mogen ze de aanwezigen uitnodigen hen te volgen naar de openingsreceptie. Lange tijd vond deze plaats in de historische hallen van het stadhuis. Bij de renovatie van het stadhuis is men verhuisd naar de even historische Keizerszaal van de Trudo-abdij. Daar vindt een acadekomische zitting plaats met ludieke toespraken, liedjes, drank en tot slot de uitreiking van de medailles van de prinselijke hoogheden en de jaarorde van de Orde van de Commeduur.   

Gedurende de volgende weekends  vertegenwoordigen Prins, Jeugdprinsen en de Raad van Elf het Truiens carnaval op bals, recepties en zittingen in Sint-Truiden, Limburg en soms ook daarbuiten. Volgens de regels van de Rijnlandse carnavalsviering is de advent een kalme periode en zouden er geen feestelijkheden mogen plaatsvinden tot de dag na de kerstmis. Door het groot aantal carnavalsverenigingen ziet men zich genoodzaakt ook in december bals en zittingen te organiseren en dan nog zijn er evenementen die op dezelfde dag plaatsvinden. Doorgaans vervult de Raad van Elf dan acte-de-présences in een sober uniform zonder pluimen op de steek.

 

Na de aanloop de inloop

 

De derde zaterdag van januari vond de Grandioze Prinsenzitting plaats met op de zondagnamiddag een zitting voor senioren. Wegens het succes en de stijgende belangstelling kwam er eind jaren zeventig van de vorige eeuw nog een zitting bij op vrijdagavond.  Begin jaren tachtig werd er een tweede weekend aan toegevoegd en steeg het aantal zittingen uiteindelijk tot zes. De grote plaatselijke carnavalsverenigingen zorgden voor kwalitatief uitstekende optredens zodat er zelfs geen externe groepen of vedetten dienden ingehuurd te worden. Het programma van een zitting bestond al jaren uit optredens van eigen dansmariekes en showgroep, een tonredenaar, een hofkapel en plaatselijke carnavalsverenigingen. Midden jaren negentig begon de malaise bij de grote groepen, meestal door gebrek aan verjonging en/of opvolging. Daardoor haakten ook de hun fans af en daagde er minder volk op voor de zittingen. Alles werd terug herleid naar één weekend met een artiest of een populaire groep als publiekstrekker. Het beperkt aantal plaatsen in de stadsfeestzaal Manège liet ook geen duurdere vedetten toe. Onder impuls van een aantal nieuwe en ondernemende raadsleden week men in 2008 uit naar de sporthal van het Gemeenschapsonderwijs. Het klassiek pakket optredens werd aangevuld met een echte topper. Eddy Wally mocht met succes de spits afbijten op de eerste Prinsen Pronknacht. In 2014 werd deze vernieuwde carnavalszitting in het teken geplaatst van het 4 X 11 jarig bestaan van de Orde van de Commeduur.  Op de nieuw locatie, de showroom van de firma Raepers aan de Tiensesteenweg, mochten de ruim duizend feestvierders genieten van een heus carnavalschlagerfestival. 

 

De weekends vanaf de Prinsen Pronknacht tot aan het Kindercarnavalfeest vertegenwoordigt de Raad van Elf het Truiens carnaval op zittingen, bals en evenementen in de regio en zelfs het buitenland. Zo stapt de stadsprinscarnaval met zijn gevolg mee op in de cortège van de nieuwe vorst bij de Kemeleers in Maastricht en volgen ze de draaiboekceremonie van de Winkbulle in Heerlen. De tweede week voor het carnavalsweekend wordt ‘Sintruin Alaaf!’ bedeeld. Oorspronkelijk was het een reclameboekje met als informatieve bijdragen de samenstelling en het parcours van de stoet. Volgende versie werd op glanzend A4 formaat gedrukt en bevatte redactionele bijdragen van de opper, de voorzitter van het stedelijk feestcomité en de burgervader. Ook mochten de lokale carnavalsgroepen zich voorstellen, iets wat de Bigaro’s jaren op een ludiek wijzen deden. In de jaren negentig van vorige eeuw werd ‘Sintruin Alaaf!’ een heuse carnavalsgazet met voor de helft publiciteit en voor de andere helft redactionele bijdragen van reeds eerder vermelde schrijvers en de schepen van feestelijkheden. Proclameur Rudi stond jaar na jaar in voor een flimk deel van de redactie met als vaste rubrieken de Wist je datjes,  de Rudimentaire diksjonair en de maidenspeeches van de prinselijke hoogheden. Deze krant werd tot voor enkele jaren op een 19.000 exemplaren huis aan huis in Groot Sint-Truiden bedeeld. Met de Prinsen Pronknacht kwam een glossy publi-infoblad in de plaats met meer nadruk op foto’s en in een beperktere oplage.

 

 

Het feest kan beginnen

 

De carnavalsweek wordt ingezet op de zondag voor ‘Vèstelooved’ door de jeugd. Na de receptie van de stadsjeugdprins(es) mag deze het Kindercarnavalfeest openen. Een mengeling van dans, muziek en animatie op maat van het bont verkleed jeugdig gezelschap. Op dinsdagavond verwelkomen de Truiense carnavalisten aan hun Elf Latsjanen  ‘De Blauw Sjuut’ van de Winkbule. Deze boot op wielen legt elk jaar de tocht af die de carrus navalis in 1133 volgde en opent men in de steden op het parcours het plaatselijk carnavalgebeuren. Na de officiële ontvangst door een afvaardiging van het stadsbestuur verzorgt de Orde van de Commeduur het ludieke deel dat eindigt met een gemoedelijke kroegentocht en het stadscentrum. De woensdagnamiddag worden alle kleine kinderen  uitgenodigd op een carnavaleske filmvoorstelling in aanwezigheid van stadsjeugdprins(es)carnaval en de Raad. Is men verkleed dan mag men gratis binnen. Donderdagnamiddag trekt de stadsprinscarnaval met zijn Raad van Elf naar de seniorenhomes en het bal van de mindervaliden. Tevens gat men geschenkjes uitdelen aan de patiëntjes in de kinderafdeling van de Regionaal Ziekenhuis Sint-Trudo.

 

Op vrijdag gaat het carnavalsgezelschap op bezoek in de scholen die iets rond carnaval organiseren. Vrijdagavond organiseert de stadsprinscarnaval zijn prinselijke receptie op een locatie en met genodigden naar zijn prinselijke keuze.  Zaterdagnamiddag trekt de verklede jeugd door de stad met een apotheose op de Groenmarkt. Zaterdagavond zijn alle verklede feestvierders welkom op het traditionele Verkleed  bal. Zondagnamiddag bezoeken de Prinsen met de Raad van Elf  de carnavalskermis op de Grote Markt. Zondagavond vindt traditioneel op de pui van het stadhuis de machtsoverdracht plaats. Nadat de stadsprinscarnaval zijn beloftes heeft voorgelezen en het volk daarover zijn zegen gaf overhandigt de burgemeester de sleutel van de stad en daarmee de symbolische macht aan de prinscarnaval. Die mag dan over het narrendom Groot Sint-Truiden regeren tot Verloren Maandag middernacht.  Na de ceremonie op de pui van het stadhuis trekt heel het gezelschap naar de Keizerszaal of een andere locatie van de stad voor de acadekomische luik van de machtsoverdracht. De burgemeester neemt tijdelijk het laatste woord met een afscheidsspeech. Daarna verkondigen achtereenvolgens de stadsjeugdprins(es) en de stadsprinscarnaval hun 11 carnavalswetten, waarop iedereen op straffe van gras-boete dient te letten. Vervolgens wisselen enkele sprekers en zangers/zangeressen elkaar af om de ambiance in form te houden. Op deze ludieke plechtigheid worden ook de hoogste Sint-Truidense carnavalsonderscheidingen uitgereikt, namelijk de Orde van het Zeegske, de Orde van het Nachtleùmpke en de Orde van de Groewette Nachtlamp.  

De Sint-Truidense ‘Vesteloovet’

 

Verloren Maandag is het absolute hoogtepunt van het carnavalsgebeuren in Sint-Truiden en ontegensprekelijk de hoogdag waar elke rechtgeaarde carnavalist (m/v) maanden naar toe heeft geleefd. Alles moet dan ook degelijk voorbereid zijn want die dag gaat men op automatische piloot om het carnaval te beleven en uit te leven. De Prinsen en leden van de stadscarnavalvereniging Orde van de Commeduur starten de dag met een hulde aan de overleden leden van de Orde van de Commeduur in Schurhoven aan het Raadsvriendje, het monumentje geplaatst naar aanleiding van 3 X 11 Orde van de Commeduur. Vervolgens begeven alle vroege vogels zich naar Café  Bovy bij Marie Jeanne voor de eerste pint of een tas straffe koffie en ‘boukes be spek en eikes’. Onder muzikale begeleiding gaat het nadien stoetsgewijze via  de Grote Markt naar de Naamsevest voor de Praalwagensreceptie met de   doop en de schouwing van de praalwagens van de Sint-Truidense carnavalsgroepen. Elke groep voorziet daarbij een natje en een droogje wat inhoudt dat er rijkelijk pintjes en jenevertjes, boukes en hapjes aangeboden worden. Het middagmal kan men dan gerust overslaan om gewoon door te gaan. Om 14.11 u vertrekt vanaf de Speelhoflaan de reclamestoet gevolgd door de internationale Truiense Verloren Maandag stoet. Behalve bij heel slechte weersomstandigheden staat het volk langs het parcours aan beide zijden van de straat drie- tot vier dubbeldik. De carnavalsgroepen die in de Truiense stoet mee optrekken zijn uitgekozen om hun carnavaleske opvallendheid, knappe uitbeelding en tevens om hun gulheid met strooi- en snoepgoed. Doorgaans mag men rekenen op een twintigtal Sint-Truidense groepen waarvan het grootste deel maanden werkt aan de versiering, opbouw of renovatie van hun praalwagen, terwijl anderen voor de gelegenheid een praalwagen inhuren. Bezoekers keren dan ook tevreden met gevulde zakken huiswaarts, een voorraad waarmee de vasten overbrugd kan worden. Op het abdijplein of op de Groenmarkt staat de tribune voor de apotheose van de stoet. Daar verzorgt de Proclameur het commentaar bij de passerende wagens en groepen en laat de aanwezigen meezingen en meedansen op het moment dat er een leemte of ‘koet’ in de stoet valt. Vervelen doet men zich daar in elk geval nooit, hoe lang het ook mag duren vooraleer de laatste wagen met de Raad van Elf en de prinselijke hoogheden binnen is. ’s Avonds is er feest in de meeste cafés van het stadscentrum en meer dan een halve eeuw kon men naar de stadsfeestzaal Manège. Deze carnavalstempel sloot in 2013 helaas de poorten wegens te onveilig. Voor het feestelijk afsluiten van de Verloren Maandag kan men, tot de nieuwe stadsfeestzaal opent, terecht in de paviljoentent op de Groenmarkt. Met de ceremonie van het uitblazen van de Elf-Latsjanen  wordt op dinsdagavond een punt gezet achter het carnavalsvieren in de Trudostad. De elf lichtjes worden op halve kracht gezet, want Binken zijn Bourgondiërs en die vinden op elk moment van het jaar wel een gelegenheid om te feesten. Zo trekken Sint-Truidense carnavalsverenigingen elk weekend tot en met de zondag voor Pasen wel ergens in België mee in een carnavalstoet. Bovendien  doen ze het goed, heel goed en mogen ze zo voortdoen? Zeker en vast! De stad mag fier zijn op deze vrijwillige en ongebonden ambassadeurs van de lol en leute. Truineers, e ras a apoat!  (Rudi Festraerts)

Webmaster Giani Creten © 2019 Stadscarnavalsvereniging "Orde van de Commeduur"